Sint en Piet in het verschiet

Sint heeft dit al in april toegezegd, maar voor de zekerheid toch nog even een telefoontje naar het paleis in Spanje gepleegd. En, ja hoor, het is bevestigd! Op 16 november verwacht Sinterklaas weer in Nederland te zijn, aldus Reispiet. De stoomboot zal afmeren in de haven van Groningen!

Een drukke tijd voor Sint

Zoals elk jaar weer, is er in de maanden oktober en november ontzettend veel te regelen in het paleis van Sinterklaas. De goedheiligman zit de hele dag in zijn kantoor achter een hééééél groot bureau. Hij zit in het grote boek te schrijven over wat de kinderen het afgelopen jaar allemaal gedaan hebben. Af en toe komt er een bulderende lach uit zijn kantoor. Dan zit Sint vast een verhaal te lezen over kinderen die een paar leuke grappen hebben uit gehaald.
Naast het bureau staat een hele grote kast. Hier bewaart Sinterklaas alle brieven en verlanglijstjes die de kinderen hem sturen.

Ook de Pieten rennen en vliegen

Alles moet worden klaargemaakt voor de reis naar Nederland!
Kooppiet moet alle cadeautjes kopen en aan Inpakpiet geven, die er een mooi papiertje omheen doet met de naam erop. Stalpiet moet het paard van Sinterklaas op de reis voorbereiden en Poetspiet moet natuurlijk de stoomboot oppoetsen. Reispiet moet ervoor zorgen dat alle pieten die naar Nederland gaan hun koffer goed gepakt hebben. Hij moet controleren of de pieten niet hebben vergeten om bijvoorbeeld hun tandenborstel of een schone onderbroek in te pakken. Op alles moet gelet worden! Teveel zaken om op te noemen….
Gelukkig weet iedere piet precies wat zijn taak is, zodat er niets vergeten wordt.

Bijna klaar voor vertrek

Sinterklaas zit een lijstje te maken van alle dingen die hij niet vergeten mag.
Zo moet hij de rijmen van Rijmpiet nog controleren en kijken of Spelpiet alle spelletjes klaargemaakt heeft.
Sint staart voor zich uit en zegt: “Ik kijk er echt naar uit om al die kindertjes weer te zien en die mooie liedjes te horen”. “Ja Sint”, zegt Hoofdpiet die naast hem staat, “nog even en dan gaat de reis beginnen!”

(wordt vervolgd)